Actualiteit

ICED 2015, Athene: Een nieuw tijdperk?

Terug naar overzicht

Het 22ste International Congress on the Education of the Deaf ging dit jaar, van 6 t.e.m. 9 juli door, in Athene – met 700 deelnemers, waarvan 560 sprekers.
Dit congres is het oudste congres over onderwijs aan dove kinderen. Ook Marieke Kusters vanuit Fevlado was aanwezig.

De eerste hoofdlezing werd gegeven door Greg Leigh, met als titel “Recognizing Diversity in Deaf Education: From Paris to Athens with a Diversion to Milan – How far have we come?” (Diversiteit in het dovenonderwijs erkennen: van Parijs tot Athene, met een omweg via Milaan – hoe ver zijn we gekomen?). Leigh verwees naar het  Vancouver statement van 2010: “A New Era: Deaf Participation and Collaboration” (een nieuw tijdperk: dove participatie en samenwerking) -  en benoemde/interpreteerde: “all nations should accept all languages and all forms of communication in the education of the deaf” (alle naties moeten alle talen en alle vormen van communicatie in het dovenonderwijs accepteren).
 
De resoluties van Milaan in 1880 respecteerden de noden van dove kinderen niet, maar de individuele noden van het dove kind moeten volgens Leigh net wel erkend worden. Hiermee opende hij ook het congres: één (juiste) benadering van hoe dove kinderen moeten opgevoed en onderwezen worden bestaat niet. Hij riep alle deelnemers en sprekers op het congres op om de volgende woorden te vermijden: “alle dove kinderen...”. Als je zegt dat alle kinderen moeten oraal opgevoed worden, of dat alle kinderen moeten bilinguaal opgevoed worden, zal dat met scepticisme worden benaderd, verklaarde hij. Er is geen “one size fits all” (geen één maat voor iedereen), maar nood aan een breed programma met een variëteit van taal en communicatie – afgestemd op de noden en wensen van ieder individueel doof kind, aldus Leigh.

Deze manier van beantwoorden aan diversiteit was dan ook de rode draad doorheen het congres, met als thema “Many ways, one goal” (vele wegen, één doel). De ideologie van ‘vraaggestuurd werken’ was dus sterk aanwezig. Geen enkele hoofdspreker benoemde de verschillende maatschappelijke discourses of was kritisch over dat de vraag vaak ook afhangt van het aanbod.

De dominantie van de medische invalshoek op doof zijn kwam niet ter sprake.
Wel kwam dit aan bod op het symposium “What about sign language? Raising deaf infants in times of high tech” (Wat met gebarentaal? Dove baby’s opvoeden in tijden van hoogtechnologie), met prof. Dr. Gerrit Loots (VUB), Dr. Stefan Hardonk (UHasselt), Dra. Liesbeth Matthijs (VUB), Dr. Kimberley Mouvet (UGent), Kathleen Vercruysse (participatieproject) en Marieke Kusters (Fevlado).

De lezingen van deze Belgische delegatie werden erg positief onthaald. Op woensdagvoormiddag was dit symposium één van de negen verschillende parallelsessies, die allemaal andere thema’s behelsden – velen met een eerder  medische, individualistische invalshoek, anderen dan weer met een sociale en/of culturele invalshoek. Er was dus verdeeldheid in het publiek en deelnemers en sprekers leken niet of weinig met elkaar in discussie te gaan over onderliggende spanningsvelden en achterliggende opvattingen van theorieën of onderzoeksresultaten.  
 
Bovendien werd er voor slechts drie van de negen parallelsessies tolken International Sign ingezet. Dat betekent dat dove mensen geen vrije keuze hadden over welke sessies ze wilden bijwonen en aanvankelijk werden ook niet alle lezingen van dove mensen getolkt naar gesproken Engels.
Met als gevolg de “Athens Declaration on Acces for Deaf Participants at the ICED” (Verklaring van Athene over toegankelijkheid voor dove deelnemers op het ICED), een document geschreven op initiatief van enkele dove mensen.
Deze verklaring eiste:
  1. volledige toegankelijkheid van het congres in International Sign en geschreven Engels
  2. de aanwezigheid van dove mensen in het organisatiecomité van het ICED congres (wat dit ICED-congres niet het geval was).
Het Main Organizing Committee bestaat volledig uit horende mensen, het International Scientific Committee bestaat uit 21 horende mensen en twee dove mensen. Alle hoofdsprekers waren horende mensen. Er waren zo’n 120 dove deelnemers, wat  slechts 17% is van het hele congres.
Kunnen we dus besluiten dat het Vancouver Statement onvoldoende werd gerespecteerd en nagevolgd? Er gaan talloze stemmen rond dat we nog steeds in Milaan 1880 leven...
Zal het volgende congres, in 2020, te Brisbane (Australië) verandering brengen?